4. Procesondersteuning
- Wat AI doet
- Wat jij controleert
- Logische volgende stap
Niet hoger is beter. Kies het laagste niveau dat aantoonbaar genoeg werk uit handen neemt.
Geen score, keurmerk of compliancecheck — wel een praktische startkeuze.
Kies de beschrijving die het dichtst bij je gewenste resultaat ligt. De niveauwijzer slaat niets op en vraagt geen persoonsgegevens.
De niveaus beschrijven wat AI mag doen. Bij meer bronnen, acties of gebruikers groeit niet alleen de mogelijkheid, maar ook wat je moet kunnen beheersen en bewijzen.
Eerst begrijpen wat verantwoord gebruik is en heldere werkafspraken maken.
Een eigenaar legt vast welke data, taken en hulpmiddelen wel en niet passen.
Individuele collega’s sneller laten schrijven, samenvatten, onderzoeken of voorbereiden.
De gebruiker beoordeelt iedere uitkomst voordat die het werkproces in gaat.
Een team sneller betrouwbare antwoorden laten vinden in eigen documenten en kennis.
Bronverwijzing, toegangsrechten en een inhoudelijk eigenaar maken antwoorden controleerbaar.
Een terugkerende processtap laten voorbereiden, terwijl een mens beslist.
Een medewerker beoordeelt context, kwaliteit en uitzonderingen en neemt de beslissing.
Meerdere vaste stappen automatisch laten doorstromen volgens duidelijke regels.
Regels, logging, foutafhandeling en een stopmogelijkheid houden de workflow beheersbaar.
AI binnen duidelijke grenzen acties laten kiezen en uitvoeren.
Een beperkte actielijst, budget, logging, escalatieregels en menselijke beslismomenten begrenzen autonomie.
Een AI-functie bouwen die klanten of medewerkers als product gebruiken.
Producteigenaarschap, evaluaties, privacykeuzes, support en terugvalgedrag zijn onderdeel van het ontwerp.
Meerdere AI-toepassingen als één beheerde bedrijfsfunctie organiseren.
Portfolio-eigenaarschap, toegangsbeheer, evaluaties, kostenbewaking en wijzigingsbeheer gelden organisatiebreed.
Doorgaan is pas logisch als resultaat en controle aantoonbaar genoeg zijn.
Een concreet resultaat dat direct in het werk gebruikt en beoordeeld kan worden.
Duidelijke criteria voor kwaliteit, betrouwbaarheid, veiligheid en uitzonderingen.
Een nulmeting en KPI’s voor tijd, fouten, gebruik, kosten en doorlooptijd.
Beschrijf kort waar tijd weglekt. Je krijgt een nuchtere eerste inschatting van niveau, aanpak en risico.
Vier velden is genoeg voor een eerste inschatting. Extra context mag, maar hoeft niet.